Stap 2 van 10
Landen en ademen
Vijf minuten stil contact voordat er iets beweegt.
De verleiding is om meteen te gaan wrijven. Doe dat niet. Deze vijf minuten bepalen of haar zenuwstelsel de rest van het uur meedoet of niet.
Adem en tempo
Adem in vier tellen in, zes tellen uit. Zij hoort jouw adem en gaat er vanzelf in mee — dwing dat niet af.
Wat je nodig hebt
- Warme handen (wrijf ze dertig seconden tegen elkaar)
- Een deken over haar benen
De handelingen
01
Leg één hand op haar onderrug, één tussen haar schouderbladen
Geen beweging. Alleen gewicht en warmte. Blijf hier minimaal twee minuten. Je voelt haar ademhaling onder je handen dieper worden — dat is je startsein, niet de klok.
02
Adem hoorbaar mee
Adem één keer duidelijk hoorbaar uit met haar mee. Daarna nog drie keer. Zonder iets te zeggen zeg je hiermee: we hebben alle tijd.
03
Volg haar wervelkolom met je handpalm
Eén hele trage haal van haar stuit tot haar nek, met vlakke hand, over de deken of over de huid. Zeven tellen omhoog. Doe dit vijf keer, telkens iets langzamer.
04
Vraag één keer
'Is dit een goed tempo?' Meer niet. Vanaf nu praat je zo min mogelijk; alles wat je nog wil weten vraag je met je handen.
Checklist
Verder opbouwen
Vanaf sessie vier begin je deze stap zittend: zij tussen je benen, haar rug tegen je borst, jouw handen op haar buik, drie minuten samen ademen. Dan pas gaat ze liggen.